Na twee korte doffe plofjes hoor ik een zacht "oh oh, kapok". Als ik me omdraai zie ik twee kerstballen uit het kerststukje op tafel in kleine gruzelmentjes op de grond liggen. Een klein jongetje kijkt schuldbewust. "Papa? make?"
ka• per –s 1 m,v iem die de kaapvaart uitoefende; iem die een vervoermiddel kaapt: vliegtuig~, trein~; 2 m kaperschip: er zijn ~s op de kust we hebben concurrentie van mensen die hetzelfde willen als wij
0 reacties:
Een reactie plaatsen
<< Startpagina